Huisjes kijken

Goh, wat moet je eens doen op zaterdag met je Grote Broer in Shanghai? Je kunt moeilijk in bed blijven liggen en hopen dat hij hetzelfde doet. Dus sta je vroeg op en slaap je op de bank verder. Zo tegen lunchtijd kom je pas weer tot leven: tijd voor Belangrijke Zaken!

Eenmaal buiten de deur volgden onze taxische moves. Gisteren tot twee keer toe tevergeefs op een taxi gewacht en ik kan je vertellen; dat is mij in de afgelopen maanden nog nooit overkomen! En er rijden me toch veel taxi´s door Shanghai! Niet één wilde ons oppikken. Of dat nou lag aan de regen of aan Broer, dat laten we maar even in het midden.
Dus speelden we het vandaag anders. Broer bleef op de hoek wachten en ik ging taxi’s leuren.

Et voila! De eerste de beste uit-huur-auto stopte voor mijn neus. Weet je meteen waar het gisteren aan lag.

 

Hup, richting Gubei, want allebei nog nooit geweest. Gubei is een luxere wijk in Shanghai en ik moet zeggen, ongelooflijk! Zoveel nieuwe gebouwen, luxe spa’s en Real Estate Agents bij elkaar! Alle vrouwtjes liepen met een bruine Louis Vuitton aan de arm en alle mannen liepen met een bruine Louis Vuitton aan de arm. Gelukkig had ik mijn grijze Margaretha van den Bosch* bij me anders had ik me vast erg opgelaten gevoeld.

“Kom! Laten we wat huisjes bekijken!” opperde Broer. Mij best. Ik had toch geen ander voorstel. “Jij kan geen Chinees en ik ben jouw vertaler!” riep Broer enthousiast, waarbij onze rollen voor het komende uur werd vastgelegd.

Wij bij zo’n Real Estate Agent binnengelopen. Broer babbelt er vrolijk op los en ik praat exclusief Nederlands tegen Broer. “Ik ben haar vertaler!” roept hij een paar keer en ik knipper evenzoveel keer onbegrijpend met mijn ogen. “Bent u op zoek naar een woning van 4.000 of 5.000 RMB?” vraagt de woonbemiddelaar, waarop Broer quasi beledigd antwoordde dat het budget rond de tien- à vijftienduizend lag.

En zo geschiedde het dat Broer en ik op een rondje Hoge Prijsklasse Appartementen werden getrakteerd. Samen bekeken we drie appartementen. Alledrie rond de 150 / 160m2 en dat is GROOT! Nog niet zo lang geleden woonde ik met heel mijn hebben en houden op 19m2.

Het kostte nogal wat moeite om niet met open mond de vier slaapkamers, twee badkamers, vier (!) balkonnen en een woonkamer zo groot als onze hele woning in Nijmegen te bezichtigen.

Maar je moet koel blijven, he? Mensen die zich zo’n woning kunnen veroorloven, zijn wel wat gewend. En dus klaagde ik over het uitzicht of over de meegeleverde meubels. Of over de lelijke indeling van de woning en het grote raam in de badkamer. Zeg nou zelf, das toch ontzettend onhandig??

Zo’n hoog eisenpakket dat wekt argwaan bij de woonbemiddelaar.
“Waar komen jullie vandaan?”
“Ik kom uit Canton.”
“En zij?”
“Zij? Zij komt niet uit China.”
“O, een buitenlander!” dat verklaart alle rare klachten op prima woningen!

“Een buitenlander, ja!”

Ben ik daar gewoon eventjes ont-Chinees door mijn bloedeigen broer! En Broer maar lachen, he? Die houdt wel van een beetje leedvermaak. Nou, vanavond gaan we eten in een Frans restaurant, zal ik ze daar wel eventjes toefluisteren dat Broer Nederlands is.

* Voor degenen die Margaretha van den Bosch niet kennen: H&M dus!

Open brief aan de lezer

Shanghai, 12 juni 2008
Geachte Lezer,

Hartelijk dank voor uw getoonde belangstelling in kwangie.punt.nl.
Onze teksten worden met de grootste zorg samengesteld, waarbij kwaliteit en leesplezier voorop staan. kwangie.punt.nl staat niet achter het bewust kwetsen van individuen en/of groepen met verschillende culturele achtergronden.

Helaas kunnen wij niet altijd aan alle verwachtingen voldoen, maar waar mogelijk zullen wij uw wensen inachtnemen en zorgdragen dat u kunt blijven rekenen op de kwaliteit van kwangie.punt.nl, zoals u gewend bent.

Bij deze bieden wij onze welgemeende excuses voor uw teleurstelling toen u “pyjamafeest” en “borsten” invoerde bij Google en op het leven van een muts eindigde.

Tevens vragen wij om uw begrip om de ontstane communicatiestoornissen, gevolgen van een verblijf in een ver oord, waar het gebruik van Nederlands geminimaliseerd is. Hopelijk kunnen wij uw gevoelens van verbijstering compenseren met de mededeling dat ondergetekende geen aanbieding tot columniste heeft ontvangen. Met zulks verwarrend taalgebruik kan geen enkel tijdschrift overweg. Voorlopig kunt u dus enkel en alleen terecht bij kwangie.punt.nl.

Rest ons u te danken voor uw begrip en het uitspreken van de wens u in de toekomst te kunnen blijven welkomen op kwangie.punt.nl.

Met vriendelijke groet,
Kwan

Kwangie, de columnist

Vandaag ben ik benaderd door de projectmanager en acquisiteur van een mediabedrijf, dat gespecialiseerd is in het werken met freelancers. Mijn logjes zijn ze namelijk opgevallen en meneer de projectmanager vindt mijn stukjes – ik citeer – grappig. Het lezen over mijn mutsenleven is zelfs onderdeel van zijn ochtendritueel geworden! WOW!

“Is een column niets voor jou?” vroeg hij mij.
Nou! En of, natuurlijk! Maar we mogen niet te happig zijn, he? Nee, altijd koel spelen! Bescheidenheid siert de mens. En een profesional like me wordt natuurlijk elke dag wel benaderd! Genoeg aanbiedingen om uit te kiezen. Niets van waar natuurlijk, maar dat hoeft hij niet te weten!  In mijn hoofd stond ik al in een studio foto’s te maken voor mijn column. Wat moet ik aan? Wat moet ik aan?!

“Dank u” diende ik van repliek. Niet te veel zeggen, dan daalt je marktwaarde. Altijd een waas van mysterie om je heen behouden. Hoe graag ik ook wilde schreeuwen omdat überhaupt iemand mijn schrijfsels leest, laat staan ze grappig vindt, we bleven kalm. Helemaal niet hysterisch of door het dolle heen. Gewoon professioneel. Zoals het hoort.

Nu loop ik met mijn hoofd in de wolken.

Kwangie, de columnist, zie je het al voor je? Moi? Muts eerste klas? In stilte wordt er nagedacht over een gouden toekomst in schrijversland. Misschien zelfs ooit een boek. En de salarisonderhandelingen niet te vergeten. Toch goed dat ik het koel heb gespeeld.

 

 HOE HET IN WERKELIJKHEID GING:
Vandaag sprak vriend Niels  mij aan op MSN. Of ik al heimwee had naar China. “Hoe weet jij dat nou?” vroeg ik, gevolgd door het ochtendritueel-verhaal en het gegeven dat hij sommige stukjes grappig vond.

“Is een column niets voor jou?” vroeg hij mij.

Ik helemaal vereerd. Het kan natuurlijk ook een vorm van beleefdheid zijn geweest. Een vriendelijk woord, omdat dat hoort. Laten we hem (en mijzelf) maar even het voordeel van de twijfel geven en er van uitgaan dat hij inderdaad onder de indruk is van mijn schrijfkunsten. Of dat hij gewoon graag op de hoogte blijft van mijn Shanghai-avontuur.

 

Eventjes zag ik mezelf als een betaalde columniste bij één of ander fancy blad. Met deadlines en een laptop, misschien wel een auto van de zaak. En lezers, héél veel lezers, want een muts zijn, das HOT! Naast columnist zijn, een nieuwe trend zetten! Klinkt niet verkeerd. 

Het mocht niet lang duren.

Toen Niels zelfs onder de indruk bleek van mijn voetbalkennis, wisten we genoeg. Hier hebben we te maken met een klassiek geval van een, uhm, beleefde jongen. Toch bedankt.

Dragon Boat Festival

Ok. Het EK voetbal is begonnen.
He-le-maal niets van gemerkt hier in het Verre Oosten. Het kan aan mij liggen, hoor. Maar nergens grote schermen of groepen mensen in apenpakkies gezien. Gelukkig. Zou het kunnen dat mensen niet zo geinteresseerd zijn in Europees Voetbal?

We laten dat maar even in het midden.
Vandaag is het Dragon Boat Festival. (Onder de Chinezen beter bekend als: Duan Wu of Tuen Ng Festival). Op deze dag herinneren wij Qu Yuan.
Een dichter die zijn leven beeindigt door in een rivier te springen. Uit angst dat vissen zijn lichaam zouden opeten, gooien bewonderaars pakketjes rijst, zhong zi, in de rivier. En deze zhong zi’s eten wij nog steeds. Dat was het Dragon Boat Festival in het kort.

Omdat deze feestdag op een zondag valt, hebben de meeste Chinezen morgen nog een dagje vrij. Extra lang weekend dus! Reden waarom drie collegaatjes naar Shanghai zijn afgereisd om met mij het drakenboot feest te vieren. Dus wordt er uitgebreid geluncht, exclusief gedineerd en nemen we elke dag een massage. Bovendien zullen we vanavond zingen voor de grote Qu Yuan, want er staat karaoke op het programma.
Karaoke?? Karaoke, ja! Schaamteloos met een microfoon in de hand blerren! Als je eenmaal over de drempel heen bent, maakt het je niet meer uit dat je slightly naast de maat zit en niet zo toonvast zingt. En nee, daarvoor hoeven we géén liters alcohol te benutten. Het lijkt meer op… uhm…
“You never walk alone” blerren in een voetbalstadion. Heus! Maakt daar iemand zich ooit druk dat het nergens naar klinkt? Of dat andere mensen hem kunnen horen? Daar gaat het ook alleen maar om het produceren van volume. En herrie maken, dat doen wij zeker!

HAPPY DRAGON BOAT FESTIVAL!!

 

Ni hao!

Ni hao!

Chinezen groeten elkaar met ‘ni hao’.
Een erg slimme zet. Waarom het risico nemen te vragen hoe het gaat en een klaagzang op je afgevuurd te krijgen? In plaats daarvan stellen de Chinezen gewoon vast, dat het goed met je is!
‘Ni hao!’ oftewel:  ‘Jij goed!’

Want klagen kunnen we allemaal. Dat is iets universeels.
Mopperen we in Nederland over het weer of over de kwaliteiten van de bondscoach, in China kniezen ze over het weer of over hun gezondheid.
En tjongejonge, als ze eenmaal beginnen, komt er geen eind aan, he?
Dan moet je ‘ja’ knikken en ‘och’ roepen en een motiverende wat-heb-jij-toch-een-hard-leven-blik op je gezicht toveren.
En laat dat nou nét iets zijn, waar ik niet altijd zin in heb.

Wat dat betreft ben ik echt een luisterend oor.
Uit het gejammer, filter ik je probleem en kom ik met gratis advies.
Oplossing. Actie.
Niet lijden, maar aanpakken!
“Luister, dan zeg je toch gewoon…” of “Misschien moet je eens proberen …”
“Gewoon doen, geen dank! Ik luister graag, veel succes!”
Een stelregel is dat mijn betoog langer moet duren dan het klaaglied.
In Nederland werkt het 9 van de 10 keer.
Wanneer ik de volgende keer vraag hoe het gaat, is het antwoord steevast “Prima!” Waarvoor mijn dank.

Helaas werkt het niet zo in China.
Blijkbaar is het niet voldoende om met een Plan van Aanpak te komen.
En mijn antwoorden zijn simpelweg onbevredigend en dus beginnen ze weer van voor af aan. Altijd hetzelfde verhaal. In dezelfde woorden.
En het zoeken naar bevestiging, “Vind je niet?”
En als je dan te principieel bent en weigert ‘ja’ te knikken en ‘och’ te roepen en een motiverende wat-heb-jij-toch-een-hard-leven-blik op je gezicht te toveren, dan is het hek van de dam.

Dan kun je uren in rondjes praten met je gesprekspartner.
“Och, Kwan, die taxichauffeur heeft me gewoon afgezet. Af-ge-zet, weet je wel! Ik heb bijna 300 RMB betaald! Maar ik wist de weg niet en hij heeft er gewoon misbruik van gemaakt!”
“Jij mag toch reiskosten declareren op je werk?”
“Ja, maar toch, 300 RMB!”
“Dat is inderdaad veel geld, maar je krijgt die 300 RMB toch gewoon terug?”
“Och, Kwan, die taxichauffeur heeft me gewoon afgezet. Af-ge-zet, weet je wel! Ik heb bijna 300 RMB betaald! Maar ik wist de weg niet en hij heeft er gewoon misbruik van gemaakt!”
“Dan lever je die bon toch in bij je werk, dan krijg je dat geld toch terug?”
“Ja, maar toch, 300 RMB!”
“Ik snap je probleem denk ik niet, je kunt dat geld toch terugkrijgen… “
“Och Kwan, die taxichauffeur heeft me gewoon afgezet. Af-ge-zet, weet je wel! Ik heb bijna 300 RMB betaald! Maar ik wist de weg niet en hij heeft er gewoon misbruik van gemaakt!”
“Och ja hee!?! 300 RMB!?! Wat een afzetter, arme jij en jij wist de weg helemaal niet en hij heeft gewoon misbruik van je gemaakt! Dat jou dat nou moest overkomen, zeg! Och, och…”

… Wat ik je brom! Dag principes! Dag moraal! Ni Hao!