Dromen die uitkomen

Als kind had ik een blauwe pyjamajurk.
De pyjama had lange mouwen.
Hij was zacht, smurfjes-blauw en van heerlijk katoen.

Die jurk, die plantte ik dus op mijn hoofd.
Met de mouwen langs mijn oren, waande ik me een écht meisje met prachtig lang haar.
Ik was namelijk gezegend met een kort kapsel.
Waardoor er hardop werd afgevraagd waarom mijn moeder haar zoon een jurkje aan had getrokken.

En dus nam ik het heft in eigen handen en creëerde mijn eigen haardos.
Nu moet u dit allemaal wel in perspectief zien.
Ik groeide namelijk op in de jaren ’80.
Toen haarspray net zo gewoon was als de mobiele telefoon nu.
En Last Christmas nog een hit was, in plaats van een klassieker.
In die tijd had ie-de-reen lang haar.
Dus hielp ik mezelf een handje en zette een eerste stap in het verwezenlijken van mijn droom.

Mijn droom is inmiddels uitgekomen.
Ik heb lang haar.
Het duurde even, maar het is er echt.
En dus koester ik stilletjes de hoop dat ook mijn andere dromen uit kunnen komen.

Vroeger wilde ik graag zangeres, actrice of musicalster worden.
En toen ik Sisi, die junge Käiserin had gezien, wilde ik graag keizerin worden.
De hele dag in mooie jurken rondlopen, dat leek me fantastisch.
Dat je daarvoor ook een flinke voorgevel nodig had, dat loste ik wel op met drie paar sokken aan elke kant.
Nu ben ik mijn prins tegengekomen, maar was hij helaas niet in het bezit van een paard of stuk land.

Dus blijf ik verder dromen.
Over van alles en nog wat.
Maar vooral over mijn boek.
Hoe die naast J.K. Rowling in de boekhandel zou liggen.
En in twintig talen vertaald zou worden.
Hoe de filmstudio’s zouden vechten om de rechten.
En uiteraard zou Ed Sheeran het titellied schrijven voor de verfilming.
Voor mijn boek, alleen het beste.

Totdat ik onlangs besefte dat ik maar droomde.
Met de dromen in mijn hoofd, komt er natuurlijk geen boek van de grond.
Net als met de blauwe pyjama, moest ik toch echt het heft in eigen handen nemen.
En dus opende ik de laptop.
Haalde diep adem.
En liet mijn vingers langs alle toetsen glijden.

Voorlopig ben ik nog wel even bezig.
Met schrijven, schrappen, herschrijven.
Herlezen, verbeteren en corrigeren.

Maar ik schrijf en ik schrijf en ik schrijf.
Dus ik blijf en ik blijf en ik blijf.
De eerste woorden staan op papier.
Ze staan er echt!

En ooit, hopelijk, mag ik misschien wel in de boekhandel.
Wellicht schrijft Ed Sheeran een liedje voor de film.
Maar Anouk is ook prima.

Dan zal ik Puk vertellen over de blauwe pyjama.
En dat alle dromen.
Uit kunnen komen.
Als je die eerste stap maar zet!

 

*Gelukkig nieuw jaar allemaal en moge al jullie dromen uitkomen!* 

Advertenties

De wijze les van O.

Hij kwam in de tweede bij ons op school.
Een verlegen, blonde jongen.
O. heette hij.
En O. was nogal onzeker.

Het scheen dat hij op zijn vorige school werd gepest.
Dat dat de reden was waarom hij zich nu bij ons voegde.
Maar ons maakte het allemaal niet uit.
Zoals het op iedere kleine school aan toe ging, vonden we het reuze interessant dat er een nieuw iemand bij was.

O. bloeide op.
Hij maakte vrienden en genoot van de aandacht.
Ik vond O. een aardige jongen.
Hij probeerde altijd vlotte grappen te maken.
Of op een andere manier bijzonder te zijn.
Maar hij was ook rusteloos.

Gaandeweg ging O. steeds meer op zoek naar zichzelf.
Eerst wilde hij gabber worden.
De eerste stappen daartoe was het overkopen van een spuuglelijk blauw Australian jasje.
Ken je die dingen nog? Zo niet, het was een veel te duur trainingsjasje.
O. liep van de ene op de andere dag op Nike-ies en het trainingspak rond.
Op schoolfeestjes stond hij op de dansvloer te hakken en Hardcore was het helemaal.

Na een tijdje wilde O. toch liever alto worden.
Dus hing hij zijn Aussie aan de wilgen en kwamen de wijde pijpen tevoorschijn.
Hij liet zijn haren groeien, rookte en blowde en was ineens heel relaxt en vredelievend.
Mensen moesten vooral lief voor elkaar zijn.
Zo doende besloot hij dat hij bi-seksueel wilde zijn.

Dit was O. in een notedop van 2 t/m 6 VWO.
Ik hoop niet dat ik hem tekort doe door hem zo neer te zetten, want hij was echt wel een bijzondere jongen.
Alleen nogal zoekende.
En ik hoopte dat hij zichzelf uiteindelijk zou vinden.
Of dat hij zich neer kon leggen bij gewoon zichzelf zijn, want dat was ook echt hartstikke prima.

Jaren later hoorde ik via via dat O. op een dag besloten had om muzikant te worden.
Hij stopte met waar hij mee bezig was en begon zich hierop te storten.
Als hij écht van de muziek wilde leven, moest hij alles opgeven wat niet met muziek te maken had.
O. ging er helemaal voor.

Natuurlijk ging het niet zonder horten en stoten.
Maar hij slaagde erin in eigen beheer muziek uit te brengen.
Hij schopte het zelfs tot De Wereld Draait Door, mocht bij Giel op 3FM zingen en hij toerde door eigen land, Duitsland, Zwitserland, Engeland, Denenmarken…

Het bijzondere is dat ik denk dat O. zichzelf ondertussen wel gevonden heeft.
Ookal maakte ik me oprecht zorgen, O. lijkt op zijn pootjes terecht gekomen.
En ik? Ik doe maar wat.
Ik weet nog steeds niet wat ik wil behalve stinkend rijk worden met niets doen.
Eigenlijk heb ik gewoon alles omarmd wat op mijn pad komt.
Gaat het leven naar links, dan ga ik naar links.
En wat ik onderweg tegenkom, daar lachen we maar om.

Wat dat betreft kan ik van O. nog veel leren.
En eigenlijk is het allemaal heel erg simpel: Maak een keuze en begin gewoon!
Want uiteindelijk komt geen één droom uit, zonder dat je er iets voor moet doen.

En dus, lieve lezer, stop ik voor vandaag.
Want ik moet hoognodig iets voor mezelf doen.
Fijne dag!

Kwangie’s fantasies

Geef toe.
Toen het hier zo stil was de afgelopen week, begon het toch wel een beetje te knagen.
De eerste tijd was er nog de hoop dat ik een dagje later was.
Met het mooie weer zou dat helemaal niet zo raar zijn.
Toch?
Helemaal niet raar.
Daarna kwamen de zorgen.
Ze zou er toch niet weer tussenuit zijn geknepen?
En even stond je op het punt om mij te bellen, mailen, pingen.
            “Leef je nog?”
            “Alles goed daar?”
            “Je bent toch niet… *slik*gestopt?
Het enige wat je ervan weerhouden heeft, is dat je niet de bezitterige blogfreak claimerige fan lezer wilde uithangen.
Zo heb je de week vast doorgebracht.
Nagelbijtend.
Tegen beter weten toch weer even checken.
Of er vandaag niet misschien alsnog…
Of nu.
Verdomme!
En uit pure frustratie stak je een sigaret op.
Komt dit een beetje dicht bij de waarheid?
Niet?
NIET?!?!
Ook niet een klein beetje?
Ik behoud me het recht voor dat te fantaseren denken over mijn lezers.
Wie houdt er nou puur voor de lol een blog bij?
Iedereen die dat beweert, liegt gewoon.
En we weten allemaal wat we van leugenaars en sprookjesvertellers vinden!
Mocht je er nog over twijfelen…
Nee, het is niet cool als Oma je enige lezer is.
(Het is schandálig als je oma je niet leest!)
 
Dus in mijn wereld heb ik een heus fanbase.
Nog net niet zó groot, dat er van die foute filmpjes op YouTube worden gezet.
Je weet wel, met zo’n muziekje op de achtergrond en waar om de zoveel seconde een fotoslide voorbijkomt.
Maar wel groot genoeg dat er mensen zijn die warempel blij zijn als ik iets schrijf.
Die zich zorgen maken, terwijl ik gewoon een weekje op vakantie in Portugal ben.
En op ieder verloren moment toch maar even checkt of ik niet alsnog iets heb gepost.
In werkelijkheid leest mijn eigen oma niet eens mijn stukjes.
En zijn mijn trouwste fans, diegenen die via Google op zoek gaan naar ‘Chinese billen’.
Probeer maar eens. Je zult zien dat kwangie.punt.nl ergens bovenin verschijnt!
Maar, hee, een mens mag dromen.
Toch?

Fifty shades of 2012

Joehoe!!
Ja, ik leef nog.
En nee, ik was niet van plan om 2012 stilletjes voorbij te laten gaan.
De waarheid is dat ik gewoon weinig inspiratie heb.
Veel te weinig inspiratie.
Lief heeft nog geen briljante opmerking gemaakt.
Ik ga er vanuit dat niemand zit te wachten op zijn analyses over het Nederlands elftal. Mocht dat wel zo zijn: zijn telefoonnummer is verkrijgbaar bij de redactie
Over het werk schrijf ik niet, dat is vreemd genoeg privé.
Ik ben nog steeds niet stinked rijk.
Heb geen grootste plannen met 2012.
Ben niet meer bij de tandarts of orthodontist geweest.
Verwacht geen kinderen.
En ben ook niet ontdekt als the next whatsoever.
Dus blijft er niet zo veel meer over.
En bloggen over niets is zó niet koel.
Zeker niet als je bedenkt dat ik in de voorgaande jaren alleen maar *kuch* diepzinnige en hoogstaande stukken de wereld in heb geslingerd.
En dus stel ik de comeback telkens uit.
Want hoe triest is het, dat het spannendste van het afgelopen half jaar Fifty Shades of Grey* is geweest?
Daar kun je toch niet mee aankomen?
Laat staan wegkomen!
En zo zit ik nu dus op de bank.
Met de laptop op schoot.
Dertig-something te wezen.
En te beseffen dat ik toch maar eens wat met mijn leven blog moet doen.
 * Geef toe: Christian Grey heeft op geen één pagina over voetbal gerept, hoe hot  is dát! Oh my! Ik bedoel maar… 🙂

Klaagblog: 2011

2011 kunnen we niet afsluiten zonder enige vorm van, uhm, afsluiting.
Maar weet je, eigenlijk klaag ik gewoon liever even een blogje vol.
Over van alles en nog wat.
Maar vooral over 2011.

Het jaar waarin ik 30 wederom 25 werd.
Ik heb altijd geloofd dat de reden waarom ik niet weet ‘wat ik later worden wil’ simpel was.
Ik hóefde niet te weten wat ik wil worden, omdat ik stinkend rijk ging worden.
Zodat ik voor mijn dertigste nog met pensioen zou gaan.
Nog voor ik goed en wel iets ben geworden.

Die verwachting heb ik al enigszins bijgesteld.
Ik ga vast óp mijn dertigste met pensioen.
En de tijd begint zo onderhand te dringen, mensen!
Voor je het weet, moet ik mijn hoop vestigen op met-pensioen-gaan-in-mijn-dertiger-jaren.
Of erger: tot ik zevenenzestig ben! Brrrrr!

2011 mag dan het einde betekenen van een droom.
Het was ook het jaar waarin de realiteit *pats* *BOEM!* in mijn gezicht sloeg.
Het gebeurde allemaal in de plaatselijke supermarkt.
Na een lange dag wilde ik even snel mijn avondeten bij elkaar rapen.
In de rij bij de kassa stond een meisje tegen het kassameisje te kletsen.
Ze hadden zichtbaar lol en tetterden er op los.
Toen ik eenmaal aan de beurt was, waren ze nog stééds aan het kletsen.
Het kassameisje was zo druk bezig met haar vriendinnetje, dat er gewoon iets knapte.

‘DE JEUGD VAN TEGENWOORDIG KENT GEEN FATSOEN MEER!!’, brieste ik tegen Lief.
Buiten weliswaar.
Het kassameisje kreeg slechts een nijdige blik en een zacht gemompel van protest.
Maar Lief moest mijn betoog over het gebrek aan normen en waarden nog lang aanhoren.
Hoe langer ik door ging, hoe meer het tot me doordrong.
Ik ben een ouwe zeur geworden.

Hoe is het mogelijk?
Ik bedoel… Huh?!
Wanneer is dat gebeurd?
Was ik gisteren niet nog gewoon… Eén van hen?

Zie je hoe het leven je uitlacht?
Als ik stinkend rijk was geweest dan hoefde ik mijn eigen boodschappen niet te doen of me te beklagen over ‘de jeugd van tegenwoordig’.
Nee, dan stond ik in de Forbes, bij het rijtje rijke mensen zonder talent.
Met een grijns van oor tot oor.
Het onderschrift zou luiden: ‘Kwangie has known all her life that she is going to be stinky rich’
 
Maar helaas.
2011 is bijna afgelopen.
Ik ben nog steeds niet stinkend rijk.
En ik zeik nog even door.
Over het verval van de jeugd (schande!), maar zeker ook over al dat vuurwerk (moet dat nou?) en niet te vergeten over oliebollen (te lekker!).
Want ach, over een paar uurtjes is het alweer 2012

IEDEREEN HET ALLERBESTE VOOR 2012!