De baby van Zus

Vandaag is Zus 25 weken en één dag zwanger.

Er zit een baby in de buik van Zus.
Heel bijzonder vind ik dat. Een beetje ‘vreemd’ ook.
Normaal gesproken delen wij al onze familieleden. Onze broer, onze oom, onze vader die in Hong Kong zijt.

Nu komt er een kleine bij en ben ik de tante en is mijn zus de moeder!
Mijn neef/nicht. Niet die van Zus. Je hele leven lang zijn de verhoudingen duidelijk. In een klap wordt alles chaotisch. Niet meer te overzien. Maar wel heel leuk natuurlijk.

Je moet weten, dat Chinezen er een ingewikkeld familieverbandensysteem op na houden.
Omdat ik het jongere zusje van de moeder ben, ben ik een andere Tante voor Fox M/V* dan Broer.
Nu kan Broer zichzelf sowieso niet één, twee, drie tante noemen, want toch echt van het mannelijke geslacht. Maar was Broer, Zus geweest dan was hij een andere Tante dan ik.

De Chineesjes maken namelijk onderscheid tussen jong, oud, man en vrouw. En als je dit consequent doorvoert, krijg je voor ieder familielid een andere benaming. Even voor de duidelijkheid, ik ben ook het jongere zusje van Broer, maar toch ben ik voor zijn nakomelingen weer een andere Tante dan voor Fox M/V. Daarentegen zijn Zus en ik dezelfde Tante voor Broers nazaat. Kun je het nog volgen? Ik ook niet meer.

Gelukkig hebben we nog 15 weken om het allemaal uit te pluizen.

* Voor het gemak geef ik Neef/Nicht in Zus buik maar even deze werktitel, gezien hun voorliefde voor The X-Files.
Fox M/V als in Fox Mulder, snap je m? Niet te verwarren met Kruimeltje M/V, werktitel voor Liefs Zus baby in de buik.

Alle punten verzamelen

Sparen.

Ik ben er een ster in.
Tenminste, als je onder sparen verzamelen verstaat, waarbij het een kwestie is van kopen, kopen, meer, méér! niets weggooien. Dat kan ik wel, hoor!

Hier in huis staan er meer dan genoeg dozen met ik-kan-er-geen-afstand-van-nemen-spul. Vaak wegens emotionele waarde, des te vaker wegens ergens neergezet en nooit meer naar omgekeken. Dat verhaal.

En het feit dat de koffer nog stééds niet uitgepakt is, ligt niet aan een drukke agenda. De kledingkast is nogal, uhm vol. Een en ander moet eerst weggegooid uitgeruimd worden, voordat de koffer uitgepakt kan worden. Allemaal gevolg van gedisciplineerd spaarbeleid. En dat jarenlang. Structureel. Dat doorbreek je niet zomaar een, twee, drie.

Douwe Egberts punten. Ook zoiets.
Die doen we altijd braaf in zo’n potje. Even knippen, in het potje stoppen en niet meer naar omkijken. Nu zijn wij best trouwe DE-lurkers. Herfstthee voor mij, ongeacht het seizoen. Voor Lief koffie. Heel veel. Drie kopjes ’s morgens, drie kopjes ’s avonds en hier en daar tussendoor ook nog een paar kopjes. Nooit minder.

Hoe dan ook.
Douwe Egberts punten.
Gisteren vatte ik het plan die punten eens te tellen. Het potje was al aardig vol. En het voelt zo goed om grote hoeveelheden te tellen, als ware het verse bankbiljetten. Toch maar zo’n Staatslot kopen vanmiddag.

 
Wat zouden we met al die spaarpunten kunnen kopen? Een vierentwintigdelig serviesset? Zo’n superdeluxe Italiaans koffiezetapparaat? Een retourtje Brazilië? Ik waande mezelf al in een zonnig land, allemaal dankzij ons goed spaar- en drinkgedrag. Hoef ik die koffer helemaal niet meer uit te pakken.

 
Nou, NIETS van dit alles!
Het blijkt dat wij niet genoeg hamsteren.
Wij zijn de lachertjes in Douwe Egberts-spaarpuntenland met onze 1.940 punten.
Dat is de equivalent van een stuiver bij DE.

Maar och, wat keek ik verlekkerd naar al die mooie hebbedingetjes! Hebberig werd ik ervan. Indien nodig kan er altijd geld bijgelegd worden, maar dat is natuurlijk niet zo leuk als gratis.

Even doorsparen dus.

 
Nog een kopje koffie, schat?

Aan tafel!

Lief komt uit een warm en groot, Limburgs gezin.
Dat ‘Limburgs’ heeft er op zich niet zoveel mee te maken, maar ik vind het zo gezellig klinken. Een Limburgs gezinnetje. Dat is toch net eventjes anders dan een Gelders of een ons Brabants gezinnetje. Laat staan een Chinees huishouden.

Anyway.
Waar het om gaat, is dat het gezin groot is.
Twee ouders, vier kinderen; zes man in totaal.
Nu bestaan er heus wel grotere gezinnen, maar ik heb het idee dat het naar de maatstaven van tegenwoordig toch wel een behoorlijke familie is.

Het opgroeien in een groot gezin laat zo zijn sporen achter.
Naar eigen zeggen, eet Lief altijd in een rap tempo om zich te verzekeren van een tweede portie. Eet je niet vlug genoeg of treuzel je teveel dan was de pot leeg en had je maar te hopen dat je de nacht doorkwam.

Ookal zit Lief niet meer met zes man aan tafel, maar met mij alleen die niet vecht om zijn eten, want vegetarisch en vriend niet, Lief is nog altijd in staat eten in een mum van tijd weg te werken. Het is net uhm, toveren. Een, twee, drie: WEG! Waar je bijzit!
Alle gekheid op een stokje, Lief is voor de rest een welopgevoede jongen, hoor! En honger heeft hij ook nooit geleden.

Waar het écht om gaat.
Iedereen schuift bij ons aan tafel deze zaterdag.
Het begon met een smsje naar Ma. Gevolgd door eentje naar broertje en zussen. Allemaal hadden ze tijd en zin om naar Nijmegen te komen. Nu moet ik er even bij vermelden dat het gezin van zes zich in de loop der jaren heeft uitgebreid met gezellige aanhangers, zoals ik en een nieuwe generatie. Al met al (op het moment van dit logje): elf man sterk en een twaalfde op komst.

Dus moet er voor elf man gekookt worden deze zaterdag. Een klein kerstdinertje dus!
Hoe ongelooflijk ik ook ben. Bij Kerst hoort een Maaltijd. Dat is een ongeschreven regel. Zoals zout en peper, zwart en wit of dag en nacht. Ookal gaat het met Kerst om de gedachte, door alle uitsloverij is de Maaltijd het middelpunt geworden. Het is net een contradictio in terminis.

Nu zei Ma nog “Doe maar iets gemakkelijks” en “We kunnen jullie wel helpen!”, maar Lief en ik zijn al volop bezig met alle voorbereidingen. Want Kerst moet mag knallen. Decadent en volledig over the top.

 
Ookal is het juli.

1 juli

En toen was het 1 juli.
Tijd voor het opmaken van een balans.

Gisteren drukte Lief mijn neus nog eens flink op de feiten toen we een rondje in de stad liepen, waar de mensen – naar mijn mening – steeds jonger worden.
“Je kunt wel jong zijn, maar je kunt niet jong worden.”
Zo corrigeerde Lief mij in één klap zowel taalkundig als denkbeeldig.

Je kunt nog zo je best doen, maar jong(er) word je er niet op.
Momenteel ben ik 27. En gelukkig blijft dit zo tot maart 2009. Genoeg tijd om na te denken over De Toekomst die allang begonnen is dus. Nu is het de laatste dagen sowieso een beetje moeizaam in de bovenkamer. Wijt het aan het mooie weer, wijt het aan het lekkere eten of de gezellige bezoekjes.

Steevast vragen mensen hoe het is geweest en wat ik nu ga doen.
“Heel goed nadenken,” antwoord ik dan maar.
Maar hoe ik ook nadenk. Hoe goed ik ook nadenk. Er gebeurt gewoon niets. Geen “AHA!” of “Eureka!”. He-le-maal niets.
Ik schrik ervan hoe leeg mijn hoofd is. Er is niet eens meer ruimte voor logideeën. Zo leeg.

En ik besef wat een luxe dat is.
Blijkbaar is er geen reden tot zorgen of nachtelijk piekeren. Geen onoverkomelijke problemen of bergen die verzet moeten worden. Niets te peinzen. Niets te klagen. Het zit allemaal even goed zo.