Aan tafel!

Lief komt uit een warm en groot, Limburgs gezin.
Dat ‘Limburgs’ heeft er op zich niet zoveel mee te maken, maar ik vind het zo gezellig klinken. Een Limburgs gezinnetje. Dat is toch net eventjes anders dan een Gelders of een ons Brabants gezinnetje. Laat staan een Chinees huishouden.

Anyway.
Waar het om gaat, is dat het gezin groot is.
Twee ouders, vier kinderen; zes man in totaal.
Nu bestaan er heus wel grotere gezinnen, maar ik heb het idee dat het naar de maatstaven van tegenwoordig toch wel een behoorlijke familie is.

Het opgroeien in een groot gezin laat zo zijn sporen achter.
Naar eigen zeggen, eet Lief altijd in een rap tempo om zich te verzekeren van een tweede portie. Eet je niet vlug genoeg of treuzel je teveel dan was de pot leeg en had je maar te hopen dat je de nacht doorkwam.

Ookal zit Lief niet meer met zes man aan tafel, maar met mij alleen die niet vecht om zijn eten, want vegetarisch en vriend niet, Lief is nog altijd in staat eten in een mum van tijd weg te werken. Het is net uhm, toveren. Een, twee, drie: WEG! Waar je bijzit!
Alle gekheid op een stokje, Lief is voor de rest een welopgevoede jongen, hoor! En honger heeft hij ook nooit geleden.

Waar het écht om gaat.
Iedereen schuift bij ons aan tafel deze zaterdag.
Het begon met een smsje naar Ma. Gevolgd door eentje naar broertje en zussen. Allemaal hadden ze tijd en zin om naar Nijmegen te komen. Nu moet ik er even bij vermelden dat het gezin van zes zich in de loop der jaren heeft uitgebreid met gezellige aanhangers, zoals ik en een nieuwe generatie. Al met al (op het moment van dit logje): elf man sterk en een twaalfde op komst.

Dus moet er voor elf man gekookt worden deze zaterdag. Een klein kerstdinertje dus!
Hoe ongelooflijk ik ook ben. Bij Kerst hoort een Maaltijd. Dat is een ongeschreven regel. Zoals zout en peper, zwart en wit of dag en nacht. Ookal gaat het met Kerst om de gedachte, door alle uitsloverij is de Maaltijd het middelpunt geworden. Het is net een contradictio in terminis.

Nu zei Ma nog “Doe maar iets gemakkelijks” en “We kunnen jullie wel helpen!”, maar Lief en ik zijn al volop bezig met alle voorbereidingen. Want Kerst moet mag knallen. Decadent en volledig over the top.

 
Ookal is het juli.

Wakker worden

Als je je ouders om tien uur in bed legt, een verhaaltje hebt verteld en een kusje hebt gegeven, dan loop je de kans dat ze op zondagmorgen errrugh vroeg wakker worden. Dat ze de televisie aanzetten op het educatieve ochtendprogramma* en rondlopen en kletsen en druk doen en eten pakken en borden laten rinkelen.

Dan sta je maar op en denk je terug aan die zondagen dat je in bed bleef liggen en er absoluut niet uit ging behalve om je maag te vullen. Als je dan ziet dat het regent, regent, dat de zon je dus adios heeft gezegd zonder jouw toestemming, dan krijg ik echt zin om een potje te chagerijnen. Moeilijk doen. Drama te maken.

Maar dan wordt er een kopje thee voor je neus gezet en een boterham voor je gesmeerd en zijn pap en mam reuzelief  en niet meer druk, druk, druk en vragen ze of je lekker hebt geslapen en tja, dan krijg ik toch wel weer zin in deze zondag. Onze laatste dag samen in Shanghai. Kom maar op!

* De televisieshow over WOII is echt een godsgeschenk. Pa en ma zitten lekker rustig aan de buis gekluisterd. Zo nu en dan hoor je allerlei nationalistische kreten, maar verder hoef je niet naar ze om te kijken. Heerlijk!

 

Dagje Shanghai

Alsof we nog niet genoeg tempels hadden bezocht in Putuoshan, zijn we gisteren – na een wasje draaien – langs de Jade Buddha Temple (Yu Fo Si) hier in Shanghai gegaan. Het was er prachtig (zoals de meeste buddhistische tempels). Heel sereen en de toeristen misschien nog serener. 

 

 Hier volgt een impressie van onze dag:

   

Na Yu Fo Si zijn we naar The Bund vertrokken, omdat het zo’n lekker weertje was en omdat dat moet. Je kunt toch niet thuiskomen en zeggen dat je in Shanghai bent geweest zonder een kiekje van The Bund? (deze gedachte deelden we met zo’n duizenden Chinezen)     
 

Na wat waaien aan de Bund zijn we via Nanjing Road naar de overkant gelopen (lees: de metro gepakt op People’s Square).

Op de vijfde verdieping van Super Brand Mall is er een vegetarisch restaurantje New Age Veggie. Volgens ons de beste plek om vegetarisch te eten met gevarieerde gerechten voor een goede prijs (ik citeer: “zelfs nog beter dan in Hong Kong! En zoooo goedkoop!” – ma). Na er voor de tweede keer te hebben gegeten (en het voornemen om alle komende dagen daar te eten ) zijn we heel tevreden naar huis gegaan. 

Op het moment van schrijven, kijkt pap naar zijn new favourite TV show over hoe de Chinezen de Jappen te slim af zijn tijdens WOII en boent moeder de vloer met een oud T shirt van pa – bij gebrek aan een echte poetsdoek. 

Loney Planet for dummies

Over vier dagen komen mijn ouders op bezoek.
De meest elementaire zaken krijg ik wel op orde: Niets op de grond – check. In de koelkast geen etenswaren die al lang over datum zijn, maar die zo gaan stinken als je ze in de prullenbak gooit – check. Fruit in huis, chipsjes de deur uit – check. Geen ongeorganiseerde chaos in de keuken – check. Geen ontploffingen in de wasmand – check. Schoenen in de schoenenkast, kleding in de kledingkast – check. Maar dan begint het pas.

Plotseling krijg ik het toch echt behoorlijk warm, nemen de hartkloppingen toe en volgen de eindeloze nachten zonder slaap elkaar op, want:
Wat moet je eigenlijk met je ouders doen?
Wat vinden ze allemaal leuk? Wat vinden ze allemaal niet leuk? Waar moeten we eten? Waar moeten we zeker niet eten? Is de metro een acceptabel vervoersmiddel of is de taxi een beter alternatief? Wat verwachten ze zo al van hun tripje naar Shanghai?

O my god… Ik hoop maar niet dat ze te veel verwachtingen hebben. Met het standaard hoge eisen pakket van ma beland je zo met een zenuwinzinking in bed!
Je raadt het al: als jongste telg van de familie ben ik niet gewend om te regelen en te organiseren. Zeg maar gerust dat ik een amateur eerste klas ben. Nu ik eens de gastvrouw moet uithangen is de druk wel heel erg hoog! Ik ben echt ten einde raad en dus blijft er niets anders over dan me toch maar te beroepen op het erfrecht:

 
Lieve grote broer en grote zus,
Hebben jullie zin om bij mij langs te komen?