Dromen, durven, doen

Over iets meer dan drie maanden ben ik weer eens jarig.
Nog maar 97 dagen om precies te zijn.

Natuurlijk word ik wederom 25, maar deze verjaardag heeft toch wel iets extra’s.

Het is mijn eerste verjaardag als mevrouw Lief.
En om Lief een beetje te helpen: Mijn andere hand zou ook graag een ring willen! 
Het is ook het begin van Het Echte Volwassenzijn.
Althans.
Zo zag ik dat vroeger altijd.

In de jaren dertig was je écht volwassen.

Maar ja, ik dacht ook altijd dat ik de kids – vier stuks wel te verstaan – al voor mijn dertigste eruit gepoept zou hebben. Net als dat ik voor mijn dertigste miljonair zou worden en met pensioen zou zijn. Wat overigens nog steeds mogelijk is. En ook dat ik bezig zou zijn met iets zinvols (wat dat ook moge zijn).
 
Ik was er echt van overtuigd dat ik op mijn dertigste héél erg wijs zou zijn.
Maar om de komende 97 dagen met mijn neus in de encyclopedieën te hangen is ook zoiets.
Daarmee valt de schade niet meer in te halen.
Toch moet een mens wel dromen hebben.
En ach, waarom ook niet.
Laat ik er maar even een lijstje van maken.
Voor de volgende dertig jaar.

Want dan, dan ben ik écht volwassen.

In willekeurige volgorde:

TO DO:
1.  Nog een keertje sushi eten met al mijn vriendinnen.

2.  kwangie.punt.nl omzetten in kwangie.nl
    Van Zus en Gijs kreeg ik met kerst vorig jaar(!) www.kwangie.nl kado, maar zoals u ziet, is die site nog niet bepaald van de grond gekomen.

3.  Die reis naar New York, Tokyo en Canada maken.
4.  Mijn eerste boek schrijven en een tweede en een derde.
5.  Eens eten in een echt sterrenrestaurant. De Librije of iets dergelijks. Liever geen Mc Donald’s.

TO DREAM:
1.  Dat Lief en ik nog eindeloos vele zinloze dialogen mogen voeren.
2.  Een medicijn ontwikkelen die kanker, aids en liefdesverdriet geneest.
3.  De jackpot winnen in de Staatsloterij.
4.  Dat ‘men’ eindelijk inziet dat oorlog nergens toe leidt en toegeeft dat Kwangie dat jaren geleden al heeft geroepen.
5.  Dat de NS erin slaagt alle treinen volgens dienstregeling te laten rijden.

Run, Kwangie, RUN!

Ik kan niet rennen.
Zo!
Het hoge woord is eruit.
Ik kan gewoon niet rennen.
Het spijt me dat jullie een illusie armer zijn, maar ook ik kan niet alles.

Nu heb ik daar in het dagelijkse leven weinig last van.
Meneer Dijkstra, de gymleraar, zit niet meer achter mijn broek.
Ik hoef dus ook niet meer twaalf minuten rond te rennen voor lichamelijke vorming.
Die vormingen kwamen vanzelf, dank u!
En iemand recentelijk nog als een shuttle heen en weer hoeven hollen?
Ik bedoel maar!

Toch zat het me nogal dwars dat ik niet kan rennen.
Ik kan nu eenmaal niet graag iets niet.
Dat maakt me toch net ietsjes meer menselijk minder perfect.

En wat als ik eens een keertje midden in de nacht in een donker park rondloop, langs – ik zeg maar wat – een kerkhof of zo en dat dan out of nowhere een hele griezelige, harige… enfin, ik het écht op een lopen moet zetten?
Dat ik dan ergens dood gevonden word en Lief snikkend aan de politie zal verklaren: “Ze kon gewoon niet rennen. Dat heeft ze nooit gekund.”

Nu moet ik eerlijk bekennen dat ik ook nooit de moeite heb genomen om te leren rennen.
Ik luisterde gewoon niet zo graag naar meneer Dijkstra in zijn blauwe trainingspak.
Had ie een roze pak gehad, dan was het een heel ander verhaal geweest.
Dan was ik niet helemaal sportief gehandicapt.
Of bang voor ballen. Kan iemand mij uitleggen wat er zo verantwoord is aan trefbal!?!

 
Toch was ik laatst eventjes mijn beperking vergeten.
Het zat namelijk zo.
Ik heb een nieuw Adidasjasje bemachtigd.
Voor bij mijn collectie Adidasjasjes.
Ik hoef vast niet te vertellen dat geen daarvan blauw is.

Hoe het ook zij.
Dat jasje stond me zo goed, dat ik me ineens een heel sportief meisje achtte.
Zo eentje die midden op straat een flik flak doet.
Eentje die de Grote Jongens met gemak eruit loopt.

In dat outfit kreeg ik de grootste behoefte om me op zo’n loopband te begeven.
Ik zag mezelf al helemaal kek voorbij zoeven.
En laten we nu een gratis gym hebben hier in het hotel.
Zo eentje met veel spiegels, waarin ik mezelf mijn jasje zo goed kan bewonderen.
En ach.
Wat kan mij het nou schelen?
Ik kom hier in Moskou vast geen bekende tegen!

Aldus vertrok Kwangie in haar paarse jasje.
Naar de gym op de tweede verdieping.
Waar ik plaatsnam op zo’n treadmill en op quick start drukte.
Jaja, lekker verantwoord.
Niets geen handleidingen lezen of me in laten lichten.
Nee, gewoon, *hup* d’r op!

En d’r weer af!
Want men!
Wat schrok ik me rot.
Van het paarse gedrocht dat als een huppelende Teletubbie met de armen loopt te zwaaien in de spiegel!

Mensen.
Ik kan het niet.
Ik kan het gewoon écht niet.
IK KAN NIET RENNEN!

Jackpot!

*tromgeroffel*

Dames en heren,

éindelijk is het zo ver:

KWANGIE IS IN DE PRIJZEN GEVALLEN!!!

En hoe!

Voor het luttele bedrag van €15 heeft zij maar liefst VIJF-TIEN EU-RO gewonnen!!

WOWOWOW!
Natuurlijk zijn we hartstikke blij met deze geldprijs.
Toch blijven we gewoon ons ding doen.
Hier voor de deur geen Ferrari.
Of een butler die de gasten verwelkomt.
En natuurlijk blijven we voorlopig ook nog werken.

Wellicht tot ons 67e, net als ieder ander!

U ziet, die prijs verandert weinig!

The winner takes it all (and Kwangie gets nothing)

Heb je dat ook?
Dat iedereen om je heen ooit wel eens íets heeft gewonnen?

Een jaar gratis zwemmen (Broer), een fotocamera (Zus), een paar nieuwe sportschoenen (vriendinnetje) en nu mag ook Lief zich voegen tot dit rijtje geluksvogels.

Natuurlijk heeft hij de Hoofdprijs jaren geleden al gewonnen, toen hij mij na tien dagen eindelijk voor zich wist te winnen. Maar gisteren was Lief toch echt eventjes nóg meer de gelukkigste man op aarde: Als 102e beller won hij warempel twee hele kaartjes voor Nederland-Noorwegen deze woensdag. en nee, ik mag wil niet mee!

En nu?
Nu blijf ik over.
Als de enige echte loser die nog nooit iets in d’r leven gewonnen heeft.
Geen rooie cent van alle Staatsloten die mij in één klap rijk moeten maken.
Niets geen auto van al die belspelletjes op televisie.

Nog niet eens zo’n reisje naar Portugal of zo!

Maar ik geef niet op.
En ga gestaag door.
Want.
Is meedoen niet belangrijker dan winnen?

Nu even serieus, mensen.
IK WIL GEWOON OOK EENS EEN KEERTJE IETS WINNEN!
Het hoeft niet veel te zijn, hoor. Met een miljoentje ben ik tevreden. En alle mensen die menen dat ze dat soort bedragen niet op hun rekening bijgeschreven willen zien: Stuur mij een mailtje en je krijgt mijn rekeningnummer!