Onkoosjere Chinees

De koelkast.
Hij staat veel te hard.
Ik ben hier al een tijdje en ik geef er niets om.
Voor mij is ie groot, wit en cool: koelkast enough for me!

Vanmorgen bij het ontbijt: frozen yoghurt met een boterham pindaijskaas.
Even wilde ik net doen alsof het mij niets deerde, totdat de brokken pindakaas mijn kaken als kukident aan elkaar plakten.
Toen kon het niet meer langer.
En dus namen we diezelfde avond nog actie: de koelkast moest een toontje lager zingen.

En daar begint de ellende al.
Er zijn namelijk zeven standen, zeven!
En hij stond op 3.
Is 7 kouder dan 3? Of juist warmer dan 3? (je weet wel… 7 graden… warmer dan 3…).
Geen idee!
Gelukkig ben ik niet voor één gat te vangen en werd de koelkast aan een heus wetenschappelijk experiment onderworpen.
Hup op stand 1 en afwachten maar!

Een uurtje of zo later, die yoghurt erbij, dop eraf om het zaakje tegen het licht te houden.
En JA hoor! *** F*L*A*T*S***
Daar flatste de yoghurt récht in mijn gezicht, in mijn haar en overal waar je niet op yoghurt zit te wachten.
Het ergste was dat het niet eens yoghurt was dat in mijn decollettée droop.
Het was dat vieze waterige spul dat altijd op de yoghurt drijft als het één en ander zuur is geworden.
En plakken dat het deed, plakken!
En stinken! Een uur in de wind!

En zo geschiedde het, dat Kwangie zichzelf doopte tot onkoosjere zuurpruim!

*** Weer een wijze levensles:
Hou nooit een pak yoghurt ondersteboven en als je dat doet, probeer er dan niet in te kijken!

Nachtelijke verplichtingen

Kom je net onder een heerlijke douche vandaan, in je pyjama (of course!) klaar voor een avondje bank hangen.
Koekjes uit de kast, olijfjes erbij.
Filmpje in de laptop, alles wijst erop dat dit een geweldige avond gaat worden en dan… #$%^@# ^&!

Het water is op.
Nergens in huis nog schoon drinkwater te vinden (en nee, ook geen alcohol).
Nu kun je het water uit de Shanghainese kraan best drinken, maar ik hou niet zo van water met smaakjes en ook niet zo van diaree.

Dus zit er niets anders op dan me aan te kleden en de deur uit te gaan.
Ver-schrik-ke-lijk!
Ik voel me dan echt heel zielig.
Ik hier in de grote stad midden op de avond water halen.
En het is minstens 100 meter lopen naar de Family Mart.
Honderd meter!

Heb je de tocht naar de Family Mart overleefd dan mag je jezelf best een beetje belonen.
Met een reep chocola of zo en doe die zak chips er ook maar bij.
O en wat is dat? Nieuw soort noodles? Moet ik ook hebben.
En oja, water. Heel veel water.
Zoveel als ik maar sjouwen kan en dat zijn gerust tien flesjes water in één keer, no problem!

Heel stoer allemaal, echte emancipatie en zo…
Maar het moet maar eens gauw afgelopen zijn met die nachtelijke uitstapjes.
Cold turkey, kappen daarmee!
Want als we zo doorgaan, stapt er over vijf weken een vrouwelijke Arnold Schwazenegger uit het vliegtuig!*
Dan ga ik toch liever voor een beetje dorst en uitdrogingsgevaar.
* En nee, dat is dus niet de bedoeling!

Taxi!

De leukste praatjesmakers in Shanghai zijn toch wel de Taxichauffeurs!

Met hun rode/gele/blauwe/witte taxi’s scheuren ze door de stad, de ene hand op het stuur, de andere op de claxon. Met een half oog op het verkeer vinden de meeste chauffeurs altijd tijd voor een babbeltje:

” Jij, wat ben jij?”
“Chinees”
“En jouw ouders? Wat zijn zij?”
“Chinees”
“Je vader én je moeder. Wat zijn zij?”
“Chinees en Chinees en ik ben ook 100% Chinees”
“100% Chinees? Waarom praat jij dan… zo?”
“Ik kom uit Hong Kong en ben in *** opgegroeid”
“Je komt uit Hong Kong en uit Henan?”
“Nee, niet Henan, HOLLAND”
“HOL-LAND!”

“JA!!”

En het volume stijgt! ALTIJD!

“En je grootouders. Wat zijn zij?”
“Chinees, Chinees, Chinees en Chinees!”
“Je bent dus ECHT Chinees!”
“Ja, dat zei ik: 100% Chinees!”
“Maar jij… ziet er niet 100% Chinees uit”
“Ik ben het toch echt!”
Draait zich om
“Kijk, ík ben een Chinees, dat zie je gewoon! Maar jij, jij… niet”
“Ik lijk op mensen uit Maleisie”
“JA!! Jij lijkt op een Maleisier”
“Ik hoor het wel vaker”

Wat zeg ik… In Nederland heeft nog nooit iemand getwijfeld over mijn Chinees-schap

Shanghai taxi.jpg

 En zo gaan de meeste gesprekken met de taxichauffeurs. Steevast wordt mij aangeraden mijn Chinees te verbeteren, te trouwen en kinderen te krijgen nog voor 2010, want anders ben ik toch echt te oud. Maar de beste tip die ik heb gekregen is toch wel deze:
“Meisje, zeg volgende keer gewoon dat je Maleisier bent. Dan is iedereen onder de indruk van je Chinees!”

(niet zo) fanatiekelingen (3)

Die druk van een blog, hee!
Tjongejonge…
En ik maar denken dat loggen een leuke bezigheid was.
Voor de lol, hobby, no strings attached…

Totdat vriendin Ingmar mij op de vingers tikte:
Ing:    “Zeg, hoe gaat het met je strippenkaart?!?”  
Moi:     *SLIK*
Ing:    “Jahaaa, ik lees je blogs wel!”
Moi:    ” Uh… (…) te warm (…) deze week ga ik het helemaal goed maken (…) béétje ziek geweest (…) dinsdag, vrijdag, zaterdag en zondag (…) écht waar.”

De deze-keer-is-het-helemaal-anders-mentaliteit is helaas een beetje ingekakt, maar beloofd is beloofd. Over zes weken komen we met een strak lijf terug en is die strippenkaart op! écht waar, hoop ik…

Afscheid in Shanghai

De keren dat ik met Sander en Iben in BYB was, hoorde ik onvermijdelijk hetzelfde limoncello-drama-dilemma, dat ongeveer zo verliep:

“Ik hoef geen limoncello.”
“Na die ene keer… nóóit weer!”
“Dat zeg je elke keer!”
“Maar dit keer meen ik het!”
 
Toch gaan de blikken gauw over en weer als Ober het glaasje limoncello van het huis op tafel zet. Ze zijn nu eenmaal niet graag onbeleefd, die twee…
 
“O sjeeeezus, de limoncello is wel erg sterk vandaag.”

“NIET MIJN GLAS BIJVULLEN!”

Gisteravond werd er gelukkig niet zo moelijk gedaan. Er werd gegeten, er werd gedronken. Er werden foto’s geschoten. En vooruit, nog een paar. Want gisteren namen Sander en Iben afscheid van zes maanden Shanghai en de daarbijbehorende Chineesjes (including me )
Och, och, och!