Kwangie’s afhaal

Het leuke aan het wereldwijde web is dat als je zomaar hier en daar klikt op de allerleukste sites terecht kunt komen. Er zijn genoeg mensjes die over van alles en nog wat schrijven, je hebt verslaggevers en er zijn de strijders voor een hoger goed, zoals het Signalering Onjuist Spatiegebruik.

Zoveel vissen in de vijver, hoe weet je wie een bezoekje waard zijn en wie niet? Gelukkig bieden zoekmachines als Google uitkomst. Zeker als je op zoek bent naar Chinees eten, verhalen en pangang (let wel: zonder ‘babi’), dan kom je ineens bij MIJ uit!?!

Sambal-bij?
Google kwangie.jpg

There is no I in team

Volgens een telling* in 2007 heeft China 1.321.851.888 inwoners.
En nóg lukt het niet om uit die eenmiljarddriehonderdeenentwintigmiljoenachthonderdeenenvijftigduizendachthonderdachtentachtig Chineesjes elf (11!) man uit te zoeken die redelijk een balletje kunnen trappen.
Met zoveel inwoners word je met gemak wereldkampioen!
De beste Chineesjes selecteren en dan: drillen, drillen, drillen!
Moet kunnen.
Kies er nog een paar extra uit voor eventuele overlopers en je zit gebakken.
En met mijn succesformule kunnen we gerust nog een basketbal-, hockey- en volleybalteam opzetten.
Waarom is nog niemand op dit idee gekomen?

Omdat Chinezen echte wedstrijddieren zijn.
Huh?
Een collega vertelde mij dat Chineesjes van alles een competitie maken.
Wie is de mooiste, slankste, slimste, sterkste, kortom van alles.
Wedstrijdje? Graag!
Uitblinken? Graag!
Maar toch het liefst alleen.
En je weet: alleen en alleen, dat gaat niet samen.
Reden waarom China ondervertegenwoordigd is in teamsports.

Zo spatte mijn droom uiteen van een onverslaanbaar elftal dat elke wedstrijd met zero tegendoelpunten zou winnen, zodat voetbal niet meer spannend zou zijn en simpelweg afgeschaft zou worden.
Béétje jammer.
Het was te proberen…

Onkoosjere Chinees

De koelkast.
Hij staat veel te hard.
Ik ben hier al een tijdje en ik geef er niets om.
Voor mij is ie groot, wit en cool: koelkast enough for me!

Vanmorgen bij het ontbijt: frozen yoghurt met een boterham pindaijskaas.
Even wilde ik net doen alsof het mij niets deerde, totdat de brokken pindakaas mijn kaken als kukident aan elkaar plakten.
Toen kon het niet meer langer.
En dus namen we diezelfde avond nog actie: de koelkast moest een toontje lager zingen.

En daar begint de ellende al.
Er zijn namelijk zeven standen, zeven!
En hij stond op 3.
Is 7 kouder dan 3? Of juist warmer dan 3? (je weet wel… 7 graden… warmer dan 3…).
Geen idee!
Gelukkig ben ik niet voor één gat te vangen en werd de koelkast aan een heus wetenschappelijk experiment onderworpen.
Hup op stand 1 en afwachten maar!

Een uurtje of zo later, die yoghurt erbij, dop eraf om het zaakje tegen het licht te houden.
En JA hoor! *** F*L*A*T*S***
Daar flatste de yoghurt récht in mijn gezicht, in mijn haar en overal waar je niet op yoghurt zit te wachten.
Het ergste was dat het niet eens yoghurt was dat in mijn decollettée droop.
Het was dat vieze waterige spul dat altijd op de yoghurt drijft als het één en ander zuur is geworden.
En plakken dat het deed, plakken!
En stinken! Een uur in de wind!

En zo geschiedde het, dat Kwangie zichzelf doopte tot onkoosjere zuurpruim!

*** Weer een wijze levensles:
Hou nooit een pak yoghurt ondersteboven en als je dat doet, probeer er dan niet in te kijken!

Nachtelijke verplichtingen

Kom je net onder een heerlijke douche vandaan, in je pyjama (of course!) klaar voor een avondje bank hangen.
Koekjes uit de kast, olijfjes erbij.
Filmpje in de laptop, alles wijst erop dat dit een geweldige avond gaat worden en dan… #$%^@# ^&!

Het water is op.
Nergens in huis nog schoon drinkwater te vinden (en nee, ook geen alcohol).
Nu kun je het water uit de Shanghainese kraan best drinken, maar ik hou niet zo van water met smaakjes en ook niet zo van diaree.

Dus zit er niets anders op dan me aan te kleden en de deur uit te gaan.
Ver-schrik-ke-lijk!
Ik voel me dan echt heel zielig.
Ik hier in de grote stad midden op de avond water halen.
En het is minstens 100 meter lopen naar de Family Mart.
Honderd meter!

Heb je de tocht naar de Family Mart overleefd dan mag je jezelf best een beetje belonen.
Met een reep chocola of zo en doe die zak chips er ook maar bij.
O en wat is dat? Nieuw soort noodles? Moet ik ook hebben.
En oja, water. Heel veel water.
Zoveel als ik maar sjouwen kan en dat zijn gerust tien flesjes water in één keer, no problem!

Heel stoer allemaal, echte emancipatie en zo…
Maar het moet maar eens gauw afgelopen zijn met die nachtelijke uitstapjes.
Cold turkey, kappen daarmee!
Want als we zo doorgaan, stapt er over vijf weken een vrouwelijke Arnold Schwazenegger uit het vliegtuig!*
Dan ga ik toch liever voor een beetje dorst en uitdrogingsgevaar.
* En nee, dat is dus niet de bedoeling!

Taxi!

De leukste praatjesmakers in Shanghai zijn toch wel de Taxichauffeurs!

Met hun rode/gele/blauwe/witte taxi’s scheuren ze door de stad, de ene hand op het stuur, de andere op de claxon. Met een half oog op het verkeer vinden de meeste chauffeurs altijd tijd voor een babbeltje:

” Jij, wat ben jij?”
“Chinees”
“En jouw ouders? Wat zijn zij?”
“Chinees”
“Je vader én je moeder. Wat zijn zij?”
“Chinees en Chinees en ik ben ook 100% Chinees”
“100% Chinees? Waarom praat jij dan… zo?”
“Ik kom uit Hong Kong en ben in *** opgegroeid”
“Je komt uit Hong Kong en uit Henan?”
“Nee, niet Henan, HOLLAND”
“HOL-LAND!”

“JA!!”

En het volume stijgt! ALTIJD!

“En je grootouders. Wat zijn zij?”
“Chinees, Chinees, Chinees en Chinees!”
“Je bent dus ECHT Chinees!”
“Ja, dat zei ik: 100% Chinees!”
“Maar jij… ziet er niet 100% Chinees uit”
“Ik ben het toch echt!”
Draait zich om
“Kijk, ík ben een Chinees, dat zie je gewoon! Maar jij, jij… niet”
“Ik lijk op mensen uit Maleisie”
“JA!! Jij lijkt op een Maleisier”
“Ik hoor het wel vaker”

Wat zeg ik… In Nederland heeft nog nooit iemand getwijfeld over mijn Chinees-schap

Shanghai taxi.jpg

 En zo gaan de meeste gesprekken met de taxichauffeurs. Steevast wordt mij aangeraden mijn Chinees te verbeteren, te trouwen en kinderen te krijgen nog voor 2010, want anders ben ik toch echt te oud. Maar de beste tip die ik heb gekregen is toch wel deze:
“Meisje, zeg volgende keer gewoon dat je Maleisier bent. Dan is iedereen onder de indruk van je Chinees!”