Ode aan een vriendin

Het is 11 juli 2012.
0:05 uur.
Tijd om mijn vriendinnetje Birgit D. in het zonnetje te zetten!
Birgit zie ik niet zo vaak.
Veel te ‘niet-zo-vaak’ zelfs.
En ik weet dat het niet aan haar ligt.
Maar als ik haar zie, is het meteen weer vertrouwd.
Ik ontmoette Birgit in de kantine van de middelbare school.
Negentien jaar geleden.
Tijdens een kennismakingsdag.
Op de school waar we zes jaar lief en leed zouden delen.
Ik herinner me nog dat zij zich voorstelde en dat ik nog nooit van de naam Birgit had gehoord.
Brigitte ja, zoals Brigitte Bardot, maar Birgit?
“Hebben je ouders misschien een foutje gemaakt?”, vroeg ik haar.
En gelukkig moest ze daar om lachen.
“Nee”, zei ze, haar ouders hadden haar bewust Birgit genoemd.
“Oh…”
Achteraf nogal een vreemde reactie van mijn kant, aangezien je bij het horen van mijn naam ook zo je vraagtekens kunt zetten of mijn ouders niet onder invloed waren. 
Hoe dan ook.
Daar leerde ik Birgit D. dus kennen.
In die grote kantine.
Op de middelbare school.
Waar we vreselijke wiskundelessen kregen – TRAUMA! – en nog ergere gymactiviteiten.
De eerste jaren ging ik niet echt met haar om.
Of zij niet met mij.
Het is maar hoe je het ziet.
We kenden elkaar wel, en we konden goed door één deur.
Pas in de vierde, bij de lessen van meneer Altena, leerden we elkaar kennen.
Meneer Altena was onze leraar Nederlands en we vonden hem aardig.
Het was een leuke vent.
Dus praatten we niet tijdens zijn les, maar schréven we elkaar.
Briefjes vol.
Soms over onzinnige dingen (al leken die toen nog niet zo onzinnig), maar vaak ging het ook de diepte in (voor zover puber-issues diepzinnig kunnen zijn).
Ik heb heel wat afgeschreven met Birgit over het leven en over de dood.
En heb me altijd vrij gevoeld om mijn gedachtes met haar te delen.
Juist omdat het allemaal op papier ging.
Maar vooral omdat Birgit een bijzonder persoon is, die overal voor open staat.
Zij was ook degene die mij vertelde dat je nooit iets moet beginnen met een jongen als je er niet mee kon praten. We waren toen pas zestien/zeventien, hè?
Dus Birgit was erg wijs. Toen al!
En nu?
Nu is Birgit tot mijn vreugde aan het project 365 begonnen.
Elke dag, 365 dagen lang, staat ze even stil bij het jonge gezinnetje dat zij heeft.
Want mijn vriendin is moeder geworden.
Daar waren we negentien jaar geleden nog niet mee bezig.
Maar ik ben wel heel, héél erg blij dat zij haar woorden op papier zet, zodat ik haar gedachtes weer kan lezen.
En ze is vandaag ook nog eens jarig!
Dus ga gezellig bij haar langs en lees mee met mijn lieve vriendinnetje MamaBirgit

Good girl gone bad

Sommige kwaliteiten veranderen met de jaren.
Dat is gewoon zo.
Maar toch vind ik het jammer.
Vroeger was netjes schrijven bijvoorbeeld een deugd.
Je kreeg niet voor niets een sticker als je tussen de regeltjes wist te blijven.
En gemakkelijk was het niet, want alle letters moesten aan elkaar verbonden blijven.
Probeer nu maar eens ‘kindercarnavalsoptochtvoorbereidingswerkzaamhedencomitéleden’ op papier te zetten à la Basisschool-stijl, zonder je pen van het papier te halen!
Ik vind het nog steeds knap als je dat kunt.
Maar niemand ligt meer wakker van je handschrift als je eenmaal volwassen bent.
Lezen is ook zo iets.
Jaren doe je erover om te leren lezen.
En als je goed kon lezen, was dat echt knap.
(zeker als je dyslexie had, maar dat had ik niet, dus het was wel ietsjes minder knap)
Kijk maar hoe verbaasd we allemaal zijn als een kind uit een chaos van letters woorden herkent.
Maar dat ik nu nog steeds een boek per week verslind, vindt niemand meer knap.
Het is eerder een beetje… sneu.
Mensen vragen zich hardop af waar ik de tijd vandaan haal (lees: heb jij geen hobbies en vrienden?)
of kijken vol medelijden naar Lief (Wist je dit al voordat jullie gingen trouwen?)
Kunnen lezen is niet langer een kwaliteit, maar gedegradeerd tot zoiets als een slechte eigenschap.
 
Het meest droevige van ouder worden, vind ik toch wel dat rustig zitten ook niet meer wordt gewaardeerd.
Weet je nog?
Vroeger?
Dan moest je rustig aan je tafeltje kunnen blijven zitten en luisteren.
Arme R.
Ik denk dat hij tegenwoordig gediagnosticeerd zou zijn met ADHD.
Maar het waren de jaren ’80.
En R. was ‘gewoon’ een lastig jongetje, op wie de juf continu moest mopperen.
Hoe erg hij ook zijn best deed, de discipline van stil zitten, kreeg hij nooit echt onder de knie.
Ik vraag me af wanneer dat kantelpunt komt.
Dat stil zitten niet langer een kwestie van discipline is, maar luiheid.
En kunnen lezen en schrijven niet meer is dan een vanzelfsprekendheid.
En zo kan ik nog eindeloos doorgaan.
Goed eten bijvoorbeeld.
Nóg iets wat ik goed kan.
Fijn voor je ouders op jonge leeftijd.
Een gebrek aan discipline als je in je eentje een zak chips kunt legen.
Of uren achter elkaar kunnen slapen. Ook zoiets.
 
Maar ik denk dat ik deze sombere zondag er mee verpest als ik nog verder ga.
Dus trek ik me maar even terug.
Misschien lees ik een boek.
Of vul ik wat schriften met kindercarnavalsoptochtvoorbereidingswerkzaamhedencomitéleden.
Maar zeker is dat ik vandaag geen vin meer verroer.
Fijne zondag!

Fifty shades of 2012

Joehoe!!
Ja, ik leef nog.
En nee, ik was niet van plan om 2012 stilletjes voorbij te laten gaan.
De waarheid is dat ik gewoon weinig inspiratie heb.
Veel te weinig inspiratie.
Lief heeft nog geen briljante opmerking gemaakt.
Ik ga er vanuit dat niemand zit te wachten op zijn analyses over het Nederlands elftal. Mocht dat wel zo zijn: zijn telefoonnummer is verkrijgbaar bij de redactie
Over het werk schrijf ik niet, dat is vreemd genoeg privé.
Ik ben nog steeds niet stinked rijk.
Heb geen grootste plannen met 2012.
Ben niet meer bij de tandarts of orthodontist geweest.
Verwacht geen kinderen.
En ben ook niet ontdekt als the next whatsoever.
Dus blijft er niet zo veel meer over.
En bloggen over niets is zó niet koel.
Zeker niet als je bedenkt dat ik in de voorgaande jaren alleen maar *kuch* diepzinnige en hoogstaande stukken de wereld in heb geslingerd.
En dus stel ik de comeback telkens uit.
Want hoe triest is het, dat het spannendste van het afgelopen half jaar Fifty Shades of Grey* is geweest?
Daar kun je toch niet mee aankomen?
Laat staan wegkomen!
En zo zit ik nu dus op de bank.
Met de laptop op schoot.
Dertig-something te wezen.
En te beseffen dat ik toch maar eens wat met mijn leven blog moet doen.
 * Geef toe: Christian Grey heeft op geen één pagina over voetbal gerept, hoe hot  is dát! Oh my! Ik bedoel maar… 🙂

Klaagblog: 2011

2011 kunnen we niet afsluiten zonder enige vorm van, uhm, afsluiting.
Maar weet je, eigenlijk klaag ik gewoon liever even een blogje vol.
Over van alles en nog wat.
Maar vooral over 2011.

Het jaar waarin ik 30 wederom 25 werd.
Ik heb altijd geloofd dat de reden waarom ik niet weet ‘wat ik later worden wil’ simpel was.
Ik hóefde niet te weten wat ik wil worden, omdat ik stinkend rijk ging worden.
Zodat ik voor mijn dertigste nog met pensioen zou gaan.
Nog voor ik goed en wel iets ben geworden.

Die verwachting heb ik al enigszins bijgesteld.
Ik ga vast óp mijn dertigste met pensioen.
En de tijd begint zo onderhand te dringen, mensen!
Voor je het weet, moet ik mijn hoop vestigen op met-pensioen-gaan-in-mijn-dertiger-jaren.
Of erger: tot ik zevenenzestig ben! Brrrrr!

2011 mag dan het einde betekenen van een droom.
Het was ook het jaar waarin de realiteit *pats* *BOEM!* in mijn gezicht sloeg.
Het gebeurde allemaal in de plaatselijke supermarkt.
Na een lange dag wilde ik even snel mijn avondeten bij elkaar rapen.
In de rij bij de kassa stond een meisje tegen het kassameisje te kletsen.
Ze hadden zichtbaar lol en tetterden er op los.
Toen ik eenmaal aan de beurt was, waren ze nog stééds aan het kletsen.
Het kassameisje was zo druk bezig met haar vriendinnetje, dat er gewoon iets knapte.

‘DE JEUGD VAN TEGENWOORDIG KENT GEEN FATSOEN MEER!!’, brieste ik tegen Lief.
Buiten weliswaar.
Het kassameisje kreeg slechts een nijdige blik en een zacht gemompel van protest.
Maar Lief moest mijn betoog over het gebrek aan normen en waarden nog lang aanhoren.
Hoe langer ik door ging, hoe meer het tot me doordrong.
Ik ben een ouwe zeur geworden.

Hoe is het mogelijk?
Ik bedoel… Huh?!
Wanneer is dat gebeurd?
Was ik gisteren niet nog gewoon… Eén van hen?

Zie je hoe het leven je uitlacht?
Als ik stinkend rijk was geweest dan hoefde ik mijn eigen boodschappen niet te doen of me te beklagen over ‘de jeugd van tegenwoordig’.
Nee, dan stond ik in de Forbes, bij het rijtje rijke mensen zonder talent.
Met een grijns van oor tot oor.
Het onderschrift zou luiden: ‘Kwangie has known all her life that she is going to be stinky rich’
 
Maar helaas.
2011 is bijna afgelopen.
Ik ben nog steeds niet stinkend rijk.
En ik zeik nog even door.
Over het verval van de jeugd (schande!), maar zeker ook over al dat vuurwerk (moet dat nou?) en niet te vergeten over oliebollen (te lekker!).
Want ach, over een paar uurtjes is het alweer 2012

IEDEREEN HET ALLERBESTE VOOR 2012!

Someone like you

Mijn iPhone 4 is weg!
Verloren.
Zonder een woord.
Of afscheid.
Zijn onze wegen ergens in de Intercity van Nijmegen naar Amsterdam Bijlmer gescheiden.

Eerst was er het ongeloof.
Het kan, mág gewoon niet waar zijn.
Wat moet iemand met al mijn foto’s, filmpjes, contactgegevens…
Hij komt vast nog wel boven water.
En het maakt me niet uit wat hij allemaal bij een ander heeft uitgespookt.
Ik zal hem terugnemen.
Zonder twijfel.

Maar de dagen verstrijken.
En nu, bijna een week later, begin ik langzaam te beseffen dat hij misschien wel nooit niet meer bij me terug komt.
*zucht*
Mijn mooie, hagelnieuwe iPhone.
Ik dacht echt dat wij iets bijzonders hadden samen.

Met een gebroken hart dwaal ik nu rond.
Een paar keer meende ik hem zelfs te herkennen.
Daar op Marktplaats.
Iedereen lijkt op hem.
Maar niemand kan aan hem tippen.

En alle clichés zijn waar.
Je weet pas wat je mist als je het kwijt bent.
Want mán!
Gemiddeld kost een losse iPhone zo’n 600 euro.
Als ik had beseft hoe kostbaar hij was, zou ik hem natuurlijk geen minuut uit het oog zijn verloren.
Dan had ik hem nog meer gekoesterd.

Maar het is te laat.
Had ik maar, was ik maar, kon ik maar…

Speciaal voor jou, ik hoop dat je het goed hebt.