De Nijmeegse Literatuurprijs 2018 en het jaar van de hond

Ik ben niet groot, maar als je mij hoort hoesten, zou je denken dat ik een Sint Bernard ben. Nu is dat vooral vervelend voor de mensen om mij heen. Zij riskeren blijvende gehoorschade, speekselbesproeiing en een ongemakkelijk gevoel dat besmetting op de loer ligt. Toch moest en zou ik naar de prijsuitreiking van de Nijmeegse Literatuurprijs gaan. Hoe vaak krijg ik nou de kans om aan de kinderen te ontsnappen mensen over literatuur te horen praten?

Van tevoren maakte ik me wel een beetje druk over de akoestiek; wat als ik een onbedwingbare, niet te negeren, allesoverheersende kriebel in mijn keel kreeg terwijl iemand voordroeg? Ik zag voor me hoe de spreker noodgedwongen wachtte tot ik was uitgeblaft, terwijl de rest van de mensen me hoofdschuddend aankeken en hoopten dat ik erin zou stikken.

Om de blaffende hond niet wakker te maken, stopte ik keelsnoepjes in mijn tas, vulde een fles met water en slikte zelfs een anti-allergiepil in de hoop hoestbuien te onderdrukken. Niemand kon mij beschuldigen van een slechte voorbereiding.

Tot mijn naam werd genoemd.

De juryleden noemden mijn inzending ‘sober’ en ‘haast minimalistisch’. Intussen zullen ze zich vast achter de oren krabben of dat mijn schrijfstijl of het gevolg van mijn hersensinhoud is.

Ik was zo overdonderd, dat ik bleef zitten terwijl ik naar voren moest komen. Vervolgens zei ik niets waaruit bleek dat mijn schedel iets huisvestte en als klap op de vuurpijl liet ik mijn tas – die met de keelsnoepjes, fles water en anti-allergiepillen – op het podium staan. De rest van de avond blafte ik de avond aaneen, liep als een dolle blij te zijn en als ik een staart had gehad, had ik energie kunnen opwekken voor heel Nijmegen en omstreken met mijn gekwispel.

Maar dat mag de pret niet drukken, het is tenslotte het jaar van de hond.
En wanneer twee vechten om één been, loopt de derde ermee heen!

Ik kan het zelf ook nauwelijks bevatten, maar het is echt zo! Mijn verhaal heeft de derde prijs gewonnen bij De Nijmeegse Literatuurprijs 2018 en zelfs de publieksprijs! Mocht je me zoeken, ik zweef ergens boven Nijmegen. Dank! Dank! Dank!

Advertenties

Good girl gone bad

Sommige kwaliteiten veranderen met de jaren.
Dat is gewoon zo.
Maar toch vind ik het jammer.
Vroeger was netjes schrijven bijvoorbeeld een deugd.
Je kreeg niet voor niets een sticker als je tussen de regeltjes wist te blijven.
En gemakkelijk was het niet, want alle letters moesten aan elkaar verbonden blijven.
Probeer nu maar eens ‘kindercarnavalsoptochtvoorbereidingswerkzaamhedencomitéleden’ op papier te zetten à la Basisschool-stijl, zonder je pen van het papier te halen!
Ik vind het nog steeds knap als je dat kunt.
Maar niemand ligt meer wakker van je handschrift als je eenmaal volwassen bent.
Lezen is ook zo iets.
Jaren doe je erover om te leren lezen.
En als je goed kon lezen, was dat echt knap.
(zeker als je dyslexie had, maar dat had ik niet, dus het was wel ietsjes minder knap)
Kijk maar hoe verbaasd we allemaal zijn als een kind uit een chaos van letters woorden herkent.
Maar dat ik nu nog steeds een boek per week verslind, vindt niemand meer knap.
Het is eerder een beetje… sneu.
Mensen vragen zich hardop af waar ik de tijd vandaan haal (lees: heb jij geen hobbies en vrienden?)
of kijken vol medelijden naar Lief (Wist je dit al voordat jullie gingen trouwen?)
Kunnen lezen is niet langer een kwaliteit, maar gedegradeerd tot zoiets als een slechte eigenschap.
 
Het meest droevige van ouder worden, vind ik toch wel dat rustig zitten ook niet meer wordt gewaardeerd.
Weet je nog?
Vroeger?
Dan moest je rustig aan je tafeltje kunnen blijven zitten en luisteren.
Arme R.
Ik denk dat hij tegenwoordig gediagnosticeerd zou zijn met ADHD.
Maar het waren de jaren ’80.
En R. was ‘gewoon’ een lastig jongetje, op wie de juf continu moest mopperen.
Hoe erg hij ook zijn best deed, de discipline van stil zitten, kreeg hij nooit echt onder de knie.
Ik vraag me af wanneer dat kantelpunt komt.
Dat stil zitten niet langer een kwestie van discipline is, maar luiheid.
En kunnen lezen en schrijven niet meer is dan een vanzelfsprekendheid.
En zo kan ik nog eindeloos doorgaan.
Goed eten bijvoorbeeld.
Nóg iets wat ik goed kan.
Fijn voor je ouders op jonge leeftijd.
Een gebrek aan discipline als je in je eentje een zak chips kunt legen.
Of uren achter elkaar kunnen slapen. Ook zoiets.
 
Maar ik denk dat ik deze sombere zondag er mee verpest als ik nog verder ga.
Dus trek ik me maar even terug.
Misschien lees ik een boek.
Of vul ik wat schriften met kindercarnavalsoptochtvoorbereidingswerkzaamhedencomitéleden.
Maar zeker is dat ik vandaag geen vin meer verroer.
Fijne zondag!