De duivel en zijn staart

Ik heb vaak de klepel wel gehoord, maar weet niet meer waar hij hangt.
Of zoiets.
Op één of andere manier vind ik spreekwoorden en gezegdes ontzettend leuk.
Ze zijn zo beeldend. En treffend.
Maar toch kan ik er bijna geen één correct reproduceren zonder een (online) woordenboek te moeten raadplegen.
Zo twijfelde ik laatst over een hele bekende.
Was het nu ‘Als je het over de duivel hebt’ of ‘Alsof je het over de duivel hebt‘?
Als een rasechte allochtoon klinken beide me correct in de oren.
De eerste was niet onmogelijk:
Als je het over de duivel hebt, dan zal ie komen ook.
Of iets dergelijks.
De tweede leek me ook wel logisch:
Als je het over iemand hebt en hij/zij ineens voor je neus staat, dan is het net alsof diegene een duivel is (want die komt ook altijd uit het niets).
Wat blijkt?
Er zit nog een hele riedel achter de duivel!
Ik had er zelf nog nooit van gehoord.
Maar eigenlijk hoor je heel duidelijk het puntje, puntje, puntje.
“Als je het over de duivel hebt…” fluisterde Kees en Jan komt de kamer binnen.
Zoiets.
Maar goed.
De volledige gezegde blijkt dus Als je het over de duivel hebt, dan trap je op zijn staart.
Er zijn nog wat varianten hierop, waarbij je het niet over de duivel hebt, maar over de duivel spreekt. Maar het moge duidelijk zijn.
De duivel heeft krijgt een staartje…

Over slippertjes en bijna-rampen (3)

Het kan de beste …* overkomen.
Een slippertje.
Geen echte ramp.
Als je jezelf maar corrigeert.
Nog voordat iemand het merkt.
Niets aan de hand.

Het is pas erg als je het zelf niet doorhebt.
Dat iemand anders het wel opmerkt.
En dat je dan denkt en denkt.
Maar toch niet weet waar de schoen wringt.

Toleratie / tolerantie.

Helemaal van deze tijd.
Helemaal hip.
Helemaal onduidelijk.

Gelukkig ben ik erg tolerant en tolereer ik toleratie net zoals ik tolerantie tolereer!

* tja, wie kan het ookal weer overkomen?

 

Over slippertjes en bijna rampen

Soms wil het kwartje niet vallen.

Vanmorgen geblogd en vanmiddag na de dansles ging er pas een lampje branden: ‘ongenadeloos’ , dat is een contaminatie! Natuurlijk meteen veranderd, maar niet voordat er al vier lezers het hadden gelezen…

Sorry voor meneer Altena die ons zes jaar lang een beetje fatsoenlijk Nederlands heeft geprobeerd bij te brengen. Nu bijna 9 (NEGEN!!!) jaar na de middelbare school en een jaar en een paar maanden in het buitenland is mijn Nederlands nog verder in verval geraakt. Er zijn regelmatig slippertjes en bijna rampen. Zo had ik in ‘What’s in a name’ bijna de dierenrechtenorganisatie op mijn dak. ‘Geen hond die er naar kraait’ was de originele uitdrukking die ik er neerplantte. Ik moet er niet aan denken wat je allemaal moet doen voordat een hond kraait.

Zucht… De eerste stap richting herstel is erkennen dat we hier een probleem hebben:
Het wordt weer tijd voor de schoolbanken.

28 april: het kan nog erger “je stijven kaak op elkaar houden” bijvoorbeeld.