Het stille verdriet

Mijn hart kan niet meer.
Hoeveel tranen wil ik nog vergieten?
Hoe vaak moet ik nog teleurgesteld worden?

Ookal houd ik mijn rug recht.
En zeg ik dat het me niets doet.
Ik ben kapot van binnen.

En toch is er telkens de hoop.
Daardoor kan ik hem niet loslaten.
Maar ik moet.
Verder.

Dus vanavond neem ik afscheid.
Afscheid van de hoop.
Afscheid van een belofte.
Afscheid van het stille verdriet.

Om een man die niet van mij houdt.
Die zijn woord niet nakomt.
En die er niet is, wanneer ik hem zo hard nodig heb.

Ik wist dat zijn werk van hem verlangde dat ik nooit op hem kon rekenen.
Maar nu ik een kindje bij me draag, kan ik het niet meer begrijpen.
Dat hij mij vergeet en mij tekort doet, daar heb ik jarenlang mijn kop voor in het zand gestoken.
Maar dat hij de Kleine negeert vind ik onvergeeflijk.
Dat kan en mág ik niet toelaten.
Dus vanavond, vanavond neem ik afscheid.

Dag, Sinterklaas, dag!
Je bent dan wel de Goedheiligman.
Maar voor mij ben je vooral de Grote Afwezige.

Wil je meer lezen over mijn gecompliceerde relatie met Sinterklaas? Lees dan: Sinterklaas discrimineert! uit 2009.

Sinterklaas maakt alles goed!

Het onmogelijke is mogelijk geworden!

Sinterklaas heeft mijn klaagblog gelezen en voelde zich zo schuldig dat hij drie kleine Chineesjes aan hun lot heeft overgelaten dat hij een pakje op de post heeft gedaan.
Met daarin van alles waar Kwangie behoorlijk blij van wordt!

Een boek voor in de trein, chocolade -letters, munten, -Sinterklaas en pepernoten om de winterdagen door te komen.

En weet je wat er nog meer bij zat?
Een excuusbrief.
Voor zijn afwezigheid in de jonge jaren.
En weet je, ik geloof dat het hem echt spijt ook!
Nou, dan smelt je toch ter plekke?
Ik bedoel, zo’n ouwe man, die zijn fouten durft toe te geven.

Waar vind je ze tegenwoordig nog?

Nou, bij deze:

Sinterklaas, ik vergeef u!!

 

 
Lieve Kwang,
 
Jouw blog van 14 november doet ons veel verdriet.
De Sint en ik, wij wisten het niet.
Er moet iets verkeerd zijn gegaan met het Grote Boek.
Daardoor waren jullie waarschijnlijk al die jaren zoek.
Het doet ons heel erg pijn om te lezen over het gemis.
En dat er nooit eens iets in je schoen gelegd is.
Drie kindjes die maar in hun bedjes lagen te hopen
en wij, die dan jullie huis voorbij lopen.
Goedmaken kunnen wij al die jaren niet meer
Daarvoor doet het waarschijnlijk te zeer
En hoewel het waarschijnlijk niets oplost
Sturen we jou dit pakje per post
Met alles wat jou door je neusje is geboord
en wat eigenlijk elk jaar bij het Sinterklaasfeest hoort
Daarbij doen we nog een cadeautje klein
Dat je mee kunt nemen als je weer eens reist met de trein
Lieve Kwang, veel liefs van mij en de Sint,

we hopen dat je ons zoenoffer een beetje acceptabel vindt?!

 

 
 
* Dank je wel, lieve lieve hulppiet Toetje, ik stond echt met mijn mond vol tanden!
 

Sinterklaas discrimineert

Sinterklaas discrimineert.

Dat is de enige logische conclusie die je kunt trekken.
En dan heb ik het niet eens over de Zwarte slaafjes Pieten.
Neen.

Ik heb het over mijzelf.

Laat ik even bij het begin beginnen.
Bij ons thuis, vroeger, had je Broer, Zus en ik.
Drie kleine Chineesjes.
Lief, schattig en slim.
Precies wat je van drie kleine Chineesjes mag verwachten.
En toch.
Tóch, hadden we alledrie nog nooit van een Goedheiligman gehoord die gratis pakjes rondstrooide.

Wat op zich geen probleem was, totdat we vier werden en naar de basisschool gingen.

Daar leerden we dat een oude meneer uit Spanje met zijn roversbende midden in de nacht je huis binnensloop om je schoen leeg te halen.
Ik heb er nachten van wakker gelegen.
Gelukkig had ik nog niet begrepen dat stoute kinderen in een zak mee naar Spanje moesten, want anders was ik spontaan gaan bedplassen.
Hoe dan ook.
Dágen waren we er op school mee bezig.

We maakten tekeningen voor in de schoen, knutselden Pieten en Sinterklazen van wc-rollen en we zongen Zie ginds komt de stoomboot alsof ons leven ervan afhing. Hij komt! Hij komt!

 

Maar wie er ook kwam, hij liet verstek gaan.
Het enige wat ik in mijn schoen vond was een brief met het verzoek ’s avonds de lampen uit te doen zodat Broer kon slapen. Wat ik bijzonder toevallig vond, want Broer liep al langer te zeuren dat ik moest leren slapen in het donker. De volgende morgen toen de kinderen uit de klas hun kadootjes tentoon spreidden, liep ik daar dus rond met die brief.
Dit is mijn vroegste herinnering aan Sinterklaas.
Een persoonlijk bericht dat mij vraagt te slapen in het donker, terwijl ik dat doodeng vond.
Kun je je voorstellen dat ik daarvan behoorlijk in de war raakte?
Al die andere kinderen met de gek gaafste presentjes en ik dan ‘alleen maar’ die brief?

Ik snapte gewoon niet wat ik verkeerd had gedaan.

Het jaar daarop was het wéér raak.
Niets in de schoen of onder de schoorsteen.
Niet eens een chocoladeletter.
Terwijl dat zo’n beetje de aardappel onder de kadootjes is.
Het jaar erop net zo.
Niets.Geen.Kadootjes.Voor.Kwangie.
En daarom.
Daarom kan ik slechts één conclusie trekken:
Sinterklaas houdt niet van schattige Chineesjes.

Sinterklaas discrimineert.

 
Voor degenen die het willen weten: Ik slaap nog altijd met een lampje.