De prinses

“Weet je wat ik later wil worden?”
“Nou, wat wil je later worden, Puk?”
“Prinses!”

Eerlijk is eerlijk, prinses zijn lijkt me nogal… Nutteloos.
Om toch een soort van supportive te zijn, zuchtte ik niet te diep, maar bedacht een plannetje.

“Misschien is hij wat jong voor jou, maar als je een prinses wilt worden, als je dat écht wilt, dan…”
*tromgeroffel*
“…moet je trouwen met prins George.”
Beledigd stampvoette Puk weg.
“Ik moet helemaal NIETS!”

Als je dochter van vier haar carrière-pad uitstippelt, neem je dat uiteraard serieus. Maar ik geloof dat ze voorlopig genezen is.

Advertenties

Wat losse kreten

Vanmorgen aan de ontbijttafel.
Ik :  Woon je nu bijna twintig jaar in Nijmegen?
Hij:  Iets korter.
Ik :  Sinds 1998 of zo?
Hij:  Ja, zoiets. Achttien jaar. Hoezo?
Ik :  Oh, gewoon.
Hij:  Je gaat me toch niet voor de gek houden op je blog, he?

Toen we langs een stoplicht reden.
Ik  :  Puk, kijk! Welke kleur is dat?
Puk:  GROEN!
Ik  :  En in het Chinees zeggen we…?
Puk:  ROOD!

Toen ik achter de laptop een stukje typte.
Puk:  Lieve mama, mag ik ook eventjes typen, alsjeblieft?
Ik  :  Nu nog niet, straksjes.
Puk:  (verontwaardigd) Maar ik heb het lief gevraagd!

Toen Lief zei dat Puk niet alle kaas had mogen pakken.
Hij :  Maar waarom huil je?
Puk:  Ik huil niet.
Hij :  Niet?
Puk:  Er zit gewoon iets in mijn oog.

Toen het tijd werd voor chocola. Volgens Puk dan.
Puk:  Mama?
Ik  :  Ja?
Puk: Sssst! Niet zo hard!
Ik  : (op fluistertoon) Sorry.
Puk: Zullen we stiekem paashaas eten?